De middeleeuwse stadsrekeningen van Arnhem en Zutphen

Lezing door Roelof Bosch

Het leven in een middeleeuwse stad in Gelderland lijkt op een aflevering van Goede Tijden Slechte Tijden. Dat zegt historicus Rudolf Bosch op basis van zijn onderzoek naar de stedelijke financiën in het hertogdom Gelre in de late middeleeuwen. Hij promoveerde vorig jaar aan de Rijksuniversiteit Groningen. Voor zijn proefschrift nam Bosch de stadsrekeningen van Arnhem en Zutphen van 1350 tot 1550 door. “Dat lijkt een saai onderzoek, maar dat was het niet. Het bestuur van de steden lag eeuwenlang bij een kleine elite. Slechts een paar rijke families maakten de dienst uit. Die hadden continue conflicten met elkaar. Het was één groot spel van machtsintriges.. In Arnhem waren in de late middeleeuwen twee families aan de macht. Dat waren echte clans. Het waren de families Gruythuse en Van Arnhem. Normaal leverden beide geslachten één burgemeester, maar op een bepaald moment zag ik twee burgemeesters die van Gruythuse heetten. Dan wil je weten wat er gebeurd is en dan blijkt later uit de stadsrekeningen dat de familie Van Arnhem uit de stad is verbannen . De middeleeuwse stadsrekeningen staan vol met informatie over het dagelijkse leven in de Gelderse steden. In 1455 dwong het stadsbestuur Blauwe Beth om ‘met haar gesellinnen’ te verhuizen naar een minder prominente plek in de stad. Dat bleken dames van lichte zeden. Het stadsbestuur wilde de dames verwijderen van de oude locatie vlakbij het stadhuis. Een ander verhaal speelt zich af in Zutphen. In 1538 ontstond er een groot volksoproer tegen de bestuurlijke elite voor het stadhuis. De stad zat zo diep in de schulden dat burgers inspraak eisten in het bestuur. Wat dat betreft, is er in honderd jaar weinig veranderd.geen steekhoudende argumenten dat het niet zo is.”